Van één ring naar een heel verhaal op je vinger
Gisteravond keek ik naar mijn handen en telde vijf ringen – drie op mijn rechterhand, twee op mijn linker. Vijf jaar geleden droeg ik alleen mijn verlovingsring. Wat is er gebeurd? Stapelringen zijn gebeurd. En ik ben niet de enige die deze switch heeft gemaakt. Overal zie je mensen met meerdere ringen op één vinger, of verspreid over beide handen. Het begon als een trend maar is uitgegroeid tot een nieuwe manier van sieraden dragen. Ringen zijn niet langer dat ene perfect stuk dat alles moet kunnen. Nu gaat het om verhalen opbouwen, laag voor laag. Trendy ringen zijn gewoon geworden – ze hoeven niet meer bijzonder te zijn omdat de combinatie het bijzondere maakt. Het voelt volwassener dan die grote statement ringen van vroeger, maar tegelijk speelser dan die traditionele enkele ring. Alsof je eigen sieradenverhaal kunt schrijven.
Waarom meer soms echt meer is
Het duurde even voordat ik snapte waarom stapelringen er zo goed uitzien. Het gaat om textuur en beweging. Eén ring is statisch, meerdere ringen creëren een soort dans op je vinger. Mijn zus heeft dat perfect onder de knie – zij draagt altijd een mix van dunne gouden bandjes met één dikkere ring ertussen. “Het geeft diepte,” zegt ze, en ze heeft gelijk. Je ogen hebben meer om naar te kijken, meer om te ontdekken. Het heeft ook iets rebels – we zijn opgevoed met het idee dat je netjes één ring per vinger draagt. Stapelringen gooien die regel overboord. Mijn moeder snapte het eerst niet: “Waarom draag je al die ringen tegelijk?” Maar toen ze zag hoe goed het eruit ziet bij mijn outfit, zei ze: “Oh, het ziet er eigenlijk heel modern uit.” Dat is het precies – modern maar niet moeilijk.
Elke ring krijgt z’n eigen betekenis
Wat ik zo fijn vind aan stapelringen is dat elke ring iets kan voorstellen. Mijn dunne gouden bandje is van mijn achttiende verjaardag, het zilver dingetje met steentje kocht ik na mijn promotie, de ring met de kleine parel is van mijn oma geweest. Samen vertellen ze mijn verhaal zonder dat het opzichtig is. Een vriendin van me heeft voor elke reis die ze maakt een nieuwe ring gekocht – nu heeft ze een hele collectie herinneringen om haar vingers. Andere mensen gaan voor één kleur of materiaal, weer anderen mixen alles door elkaar. Must-have ringen worden persoonlijk als je ze kunt combineren met wat al betekenis heeft. Het is alsof je een dagboek draagt, maar dan in sieraden vorm. En het mooie is dat je kunt wisselen – vandaag deze drie, morgen andere twee. Afhankelijk van je humeur of je outfit.
Praktisch maar wel met stijl
Stapelringen zijn eigenlijk heel praktisch. In plaats van elke ochtend kiezen welke ring je aandoet, doe je gewoon je favoriete combinatie om en klaar. Ik heb twee vaste setjes die ik afwissel – één voor doordeweeks, één voor weekends en uitgaan. Scheelt denktijd. En als je één ring kwijtraakt of kapot gaat, heb je niet ineens helemaal geen sieraad meer. Vorig jaar brak mijn favoriete ring en normaal zou dat een drama zijn geweest. Nu haalde ik gewoon een andere uit mijn setje en het zag er nog steeds compleet uit. Die flexibiliteit is handig. Trendy ringen hoeven ook niet allemaal even duur te zijn – je kunt goedkope bandjes mixen met iets duurs. Niemand ziet welke ring vijf euro heeft gekost en welke vijftig. Het gaat om het totaalplaatje, niet om individuele stukken.
Van Instagram naar echte styling
Social media heeft zeker invloed gehad op deze trend – die perfect gefotografeerde handen met stapelringen zijn overal. Maar het leuke is dat het in het echt net zo goed werkt. Niet alleen voor foto’s, maar gewoon voor dagelijks dragen. Mijn huisgenoot zag mij zo lopen en is het ook gaan doen. “Het maakt je handen interessanter,” zei ze. En ze heeft gelijk. Simpele outfits krijgen ineens wat meer aandacht door leuke ringen. Het tilt een basic T-shirt naar een hoger niveau zonder dat je er heel bewust mee bezig bent. Bloosz.nl heeft trouwens mooie voorbeelden van hoe je verschillende ringen kunt combineren. Handig als je nog niet zo ervaren bent met stapelen. De laatste trends gaan vaak snel voorbij, maar stapelringen zijn inmiddels al zo lang populair dat het meer voelt als een nieuwe basistechniek dan als mode die verdwijnt.
Voor elke begroting te doen
Een van de redenen waarom ik denk dat stapelringen blijven bestaan is omdat je er op elk budget mee kunt beginnen. Je hoeft niet meteen vijf dure ringen te kopen. Begin met één of twee goede basis ringen en voeg langzaam andere toe. Ik koop soms een goedkoop ringetje van tien euro en draag het samen met mijn dure verlovingsring – werkt perfect. Het democratische aspect spreekt me aan. Niet iedereen kan zich designerringen veroorloven, maar bijna iedereen kan een collectie opbouwen van ringen die samen mooi staan. Vintage winkels zijn goudmijnen voor stapelringen – oude ringen die apart misschien gedateerd lijken maar samen heel modern ogen. Vlooienmarkten ook. Ik heb mijn mooiste vintage ring voor acht euro gevonden op een rommelmarkt. Draag hem nu dagelijks tussen mijn moderne ringen en hij past perfect.
Een klassiek idee in modern jasje
Stapelringen voelen nieuw, maar eigenlijk is het een oud idee. Mijn oma vertelde dat zij vroeger ook meerdere ringen droeg, alleen noemden ze het niet zo. “We stapelden gewoon onze mooie ringen,” zei ze. Het verschil is dat het nu bewuster gebeurt, meer als styling tool dan als toevallige verzameling. We denken er strategischer over na – welke combinatie, welke volgorde, welk effect willen we bereiken. Het past ook bij hoe we nu met mode omgaan – minder strenge regels, meer experimenteren, meer persoonlijk maken. Ringen stapelen is geen gekkigheid die over een jaar verdwijnt. Het is een manier van sieraden dragen die logisch voelt voor onze tijd. Flexibel, persoonlijk, betaalbaar, en altijd anders als je dat wilt. Ik denk dat mijn dochter over twintig jaar ook stapelringen zal dragen, misschien anders gecombineerd maar het principe hetzelfde. Want uiteindelijk gaat het niet om de ringen zelf, maar om wat ze je geven – de vrijheid om je eigen stijl te maken.